werk

Kaatje Vermeire in de tuin van Monet

“Als volwassene verlang ik naar het herbeleven van het geluk van buiten zijn uit mijn kindertijd”

Kaatje Vermeire

Tentoonstelling en kunstprentenboek ‘De tuin van Monet’

Toen in het Kunstmuseum Den Haag duidelijk werd dat de gedroomde en jarenlang voorbereide, grote tentoonstelling Monet – tuinen van verbeelding door zou gaan (te zien t/m 2 februari 2020) was het voor acquirerend redacteur Ria Turkenburg van Uitgeverij Leopold en mij zonneklaar. De Belgische Kaatje Vermeire (Gent, 1981) zou de illustrator worden van ons kunstprentenboek. Sinds 2010 geeft het museum bij alle grote tentoonstellingen kunstboeken uit voor kinderen en liefhebbers van illustratie.

Kaatje Vermeire in de bloementuin van Monet | Giverny | 2019

Kaatje Vermeire – de natuur in illustraties

In veel van Vermeire’s prentenboeken nemen planten, bloemen, bomen en dieren een belangrijke plaats in. Een bijzondere ook. Niet zozeer alleen als realistisch of esthetisch decor, het gaat bij Kaatje Vermeire verder dan dat. Mens en natuur vormen een geheel in haar werk, het zijn gelijkwaardige met elkaar verbonden grootheden, die zonder woorden met elkaar lijken te communiceren. De natuur fungeert daarbij in al haar illustraties als de ideale omgeving voor innerlijke beleving en het contact tussen mensen. Het geluk van frank en vrij rondbanjeren in een veld, of het geborgen samenzijn aan de voet van een oude boom in het prentenboek ‘Mare en de dingen’.

Uit: Mare en de dingen | Kaatje Vermeire en Tine Mortier| Uitgeverij De Eenhoorn | 2010

Kaatje Vermeire en haar werk

Na haar middelbare schooltijd volgde Kaatje Vermeire de opleiding Grafische en Reclamevormgeving aan de Gentse Academie. In dit vak uiteindelijk toch gebrek aan vrijheid ervarend, verrijkte zij haar creatieve vorming met een opleiding Vrije Grafiek, waarbij ze de oneindige mogelijkheden van de grafische druktechnieken ontdekte. In haar illustraties komen verschillende technieken samen. Drogenaaldets, monotype of houtsnede (meestal voor de achtergrond) combineert zij met teken- of schilderwerk en soms collage. Wanneer Vermeire de achtergronden en figuren op de voorgrond samenbrengt in haar illustraties, ontstaan er gelaagde beelden, die altijd meer vertellen dan in de tekst beschreven staat.

“Ik wil werelden creëren met vluchtwegen voor kinderen zowel als volwassenen. Lichtheid aan de oppervlakte, diepte daarachter.”

Kaatje Vermeire (2013)

Kaatje Vermeire | voorstudie voor: In de tuin van Monet | Uitgeverij Leopold & Kunstmuseum Den Haag | 2019

Samen naar Giverny

Kaatje Vermeire is een van de topillustratoren van België en staat al jaren op de wenslijst van illustratoren voor onze serie kinderkunstboeken. Dat zij direct toezegde het boek over Claude Monet te willen maken, stemde ons vrolijk. En deed Ria en mij (na een eerdere ontmoeting in Gent) op 3 en 4 mei 2019 afreizen naar Giverny waar we Kaatje ter voorbereiding van het boek treffen in de tuinen van Monet. Tijdens tuinbezoeken op beide dagen wisselen we van gedachten over het leven en de schilderkunst van Claude Monet, spreken voorzichtig al wat over een inhoudelijke richting voor het beoogde kunstprentenboek en verbazen ons over sigaretten rokende toeristen die de bladeren van het Groot hoefblad als asbak gebruiken. Ook kijken we gretig rond in het verrukkelijke woonhuis van Claude Monet en zijn gezin met rabarberroze gevel, Zaans-groen geverfde luiken en zacht citroengele keuken.

Twee tuinen van Monet

Bovenal genieten we – alle drie intens liefhebber van planten en bloemen – van de twee overrompelend mooie tuinen die Claude Monet (1840-1926) in respectievelijk 1883 en 1893 in Giverny, Normandië aanlegde ten behoeve van zijn schilderkunst. Hij zou er 43 jaar wonen en schilderde er talloze werken. In 1977 werden de na zijn dood in 1926 steeds verder in verval geraakte tuinen onder leiding van Gérard en Florence van der Kemp gereconstrueerd met geld van weldoeners uit de Verenigde Staten. De huidige beplanting is zo goed mogelijk afgeleid van de oorspronkelijke, maar de visuele effecten zijn verder opgevoerd om tegemoet te komen aan de hooggespannen verwachtingen van toeristen die er van over de hele wereld naartoe reizen.

Anoniem| Claude Monet voor zijn woonhuis en tuin in Giverny|
1921 | autochrome | collectie Museé d’Orsay

De bloementuin

Direct voor het woonhuis en zijn tweede atelier ligt de weelderige, bont gekleurde bloementuin. Met mijn fotocamera blijken de diversiteit aan texturen, de dieptewerking van de paden en de expressiviteit van de kleuren eigenlijk niet te vangen, merk ik al snel. Vooral kijken en ervaren, dat is het beste. Roze tulpen oprijzend uit een bed met hemelsblauwe vergeet-mij-nietjes, rijen lila irissen in het gelid langs de paden, judaspenning gecombineerd met damastbloemen, boshyacint zij aan zij met akelei, en viooltjes in alle denkbare kleuren. Karrenvrachten moeten er zijn gekweekt in de kassen buiten het bereik van de bezoekers. Niet vaak zag ik zo’n ongegeneerd uitbundige tuin met zoveel verschillende kleuren in goed uitgedachte combinaties. Zelfs als het bij terugkomst op de tweede dag van ons bezoek regent en de donkere wolken het zonlicht dempen, straalt de bloementuin dat het een aard heeft.

De watertuin

Via een merkwaardig tunneltje onder de nu drukke doorvoerweg door komen we er, zijn tweede, tien jaar later aangelegde tuin (op een later gekochte lap grond). Het verst van het woonhuis gelegen: een serene Japans-geïnspireerde watertuin in tonale tinten. Het wateroppervlak weerspiegelt er de planten, struiken en bomen langs de oevers – iets wat Monet in zijn latere jaren zeer interesseerde voor zijn schilderkunst. Zozeer zelfs dat je je als kijker in zijn late schilderijen kunt verliezen, niet wetend of je kijkt naar de weergave van de reflectie in het water, of naar de bosschages zelf. Boven en onder, lucht en water lopen in elkaar over en worden zo tot een expressief geschilderde, geabstraheerde verbeelding van zijn tuin.

“Le motif est quelque chose de secondaire, ce que je veux reproduire, c’est ce qu’il y a entre le motif et moi.”

Claude Monet

In het seizoen waarin wij er zijn drijven de melancholiek ogende bruin-purperen bladeren van de waterlelie stilletjes op het water, wachtend op de komst van hun bloemen later in het seizoen. Alleen een magentakleurige azalea in de verte doorbreekt het gedempte palet van de watertuin. Over de vijver kromt zich het beroemde hardgroene bruggetje overgroeid met Blauwe regen, fraai in bloei tijdens ons bezoek. Twee complementaire tuinen: de bloementuin en de watertuin. Extravert en introvert; expressief en verstild – yin en yang.

Sereen is het bepaald niet rondom het iconische bruggetje behangen met Wisteria-bloemtrossen, eerder een va et vien van fotograferende toeristen, al dan niet gewapend met selfiestick. Dat het in een fractie van een seconde lukt om Kaatje Vermeire juist daar in klassieke pose te fotograferen zonder ledematen, of paraplu’s van anderen in beeld is redelijk bijzonder te noemen gezien de drukte.

Kaatje Vermeire in de watertuin van Monet, 2019

Afscheid van Giverny

We schieten in de lach als plotseling luid het bassige gekwaak van een kikker klinkt die er verscholen tussen de oeverplanten het zijne van denkt. Langs de boompioenen, een treurwilg, de huizenhoge bamboe (die Monet zelf aanplantte), het verrassend snel stromende beekje met zilverig water en een oude rode Beuk wandelen we achterlangs terug. In de weide grenzend aan de tuin zien we een kudde crèmekleurige koeien met kalfjes plotseling, als volgens afspraak, één richting uit galopperen. Er is vast iets leuks te zien.

Onder dreiging van regen- en hagelbuien, te midden van windvlagen, kwetterende bezoekers, knerpend grind en een jongetje met rode capuchon dat vastbesloten is om door het beeld te lopen, interview ik Kaatje Vermeire tot besluit van ons bezoek, al filmend met mijn fotocamera. Moge dit een verklaring zijn voor de geringe audio-kwaliteit van de videofragmenten, die ruimschoots gecompenseerd wordt door wat Kaatje te vertellen heeft.

foto Ria Turkenburg, 2019

“Alles komt samen in Monet’s tuin, zijn eigen paradijs. In de laatste levensfase wordt dat de setting voor zijn kunst. Zijn wereld wordt kleiner maar die vindt hij terug in de waterschilderijen. In de gelaagdheid daarvan komt alles samen: de wereld en zijn innerlijk”

Kaatje Vermeire

Claude Monet | Blauweregen | 1917-1920 |olieverf op doek | 150,5 x 200,5 cm | collectie Kunstmuseum Den Haag

‘Monet – Tuinen van Verbeelding’ in Kunstmuseum Den Haag

Kaatje Vermeire

De tuinen van Monet in Giverny

 

Vraaggesprek met Kaatje Vermeire in de tuin van Monet, Giverny, 2019